‘Beste reizigers’. Met de introductie van dat zinnetje maakte de NS een paar jaar geleden alle omroepberichten genderneutraal. Het vervangen van het oude, vertrouwde ‘dames.. en heren’ leverde hen een hoop lof én een berg kritiek op. Want genderneutrale berichten, zijn die nou écht nodig? In dit blog leggen we uit wat genderneutraal of inclusief schrijven precies is, waarom je het zou doen, waar het mag en waar het moet en hoe je het makkelijk toe kunt passen.

 

Wat is inclusief schrijven?

Genderneutraal schrijven is niets meer dan ‘mannelijke’ of ‘vrouwelijke’ labels vermijden. Inclusief schrijven gaat nog één stapje verder: je zorgt dat iedereen zich in je tekst kan vinden. Inclusief schrijven vergt wel even wat oefening.

Waarom zou je inclusief schrijven? Je schrijft het niet voor niets: je wilt dat mensen je tekst lezen, tot actie overgaan, jouw product of dienst afnemen of iets leren. Als mensen zich niet herkennen in jouw schrijfstijl – of erger nog, er negatieve gevoelens bij krijgen – dan werkt dat jouw doelen tegen.

 

Praktische tips: Hoe maak je je taal inclusiever?

Als je een tekst wilt schrijven waarin iedereen zich herkent, kun je niet overal hij neerzetten.  Door de mannelijke vorm als basis te gebruiken sluit je andere lezers uit. En je mikt juist op een tekst die uitgaat van de gelijkwaardigheid van álle mensen: ongeacht hun gender, ras, geloof, leeftijd of seksuele voorkeur. Maar hoe hou je zo’n tekst lekker leesbaar?

Echte regels bestaan er niet voor in het Nederlands. Wat je vaak ziet, is dat in een tekst steeds hij/zij staat. Op zich niet gek, maar het leest erg onprettig, vooral als het vaker dan eens voorkomt in een alinea. En je sluit nog steeds een groep mensen buiten, die zich niet als man of vrouw identificeren (non-binair).

Je zou ervoor kunnen kiezen om in een inleiding een soort disclaimer te plaatsen: ‘Overal waar we hij schrijven, bedoelen we álle mensen.’ Maar doe ook maar liever niet: mensen slaan je voorwoord vaak over of de lezer vergeet dat halverwege de tekst. En je gaat nog steeds uit van hij als de standaard.

Er zijn veel verschillende opties om de standaardtermen hij/zij te vermijden:

 

1.       Kies genderneutrale alternatieven

Net als bij beste reizigers kan het soms heel makkelijk zijn om woorden te vervangen. Vaak valt het niet eens op. Scholen spreken niet meer over vaders en moeders maar over ouders (en voegen vaak ook nog / verzorgers toe). Kies voor partner in plaats van man of echtgenote. Of spreek jongens en meisjes aan met kinderen. De gemeente Amsterdam schrijft niet meer Geachte heer/ mevrouw, maar Beste bewoners in haar brieven.

 

2.       Gebruik een aanspreekvorm

Je kunt je zin ook anders formuleren. Als je een aanspreekvorm gebruikt, vervallen veel hij/zij-gevallen vanzelf. Een voorbeeld:

We verwachten van elke leerling dat hij/zij zelf zorgt dat zijn/haar boeken in goede staat zijn.

wordt dan

We verwachten dat je er zelf voor zorgt dat je boeken in goede staat zijn.

Dat kan ook in gebiedende wijs:

Zorg er zelf voor dat je boeken in goede staat zijn.

 

3.       Meervoud, the way to go!

Diezelfde zin kun je ook lekker leesbaar maken door een meervoud te gebruiken:

We verwachten dat onze leerlingen er zelf voor zorgen dat hun boeken in goede staat zijn.

 

4.       Gebruik een onbepaald lidwoord

Een ander lidwoord (in dit geval een onbepaald lidwoord) kan al een verschil maken. Dat klinkt ingewikkeld, maar komt neer op meer een in plaats van zijn of haar.

Elk kind brengt zijn of haar knuffeldier mee op knuffeldierendag

wordt daarmee

Elk kind brengt een knuffeldier mee op knuffeldierendag.

 

5.       Gooi je zinnen om!

Het kan ook rigoureuzer. Vind je bovenstaande oplossingen niet mooi? Gooi je zin dan helemaal om. Kies bijvoorbeeld een ander onderwerp:

Elk kind krijgt zijn of haar cijfer terug.

Kan ook zo:

De leraar geeft de cijfers terug.

 

Over ‘hen’

In het Nederlands hebben we geen officieel genderneutraal voornaamwoord, al probeerde het Transgender Netwerk in 2017  het non-binaire ‘hen’ te introduceren. Dat zou er zo uitzien:

Kris houdt van wandelen. Het doet hen plezier. Hen wandelt elke dag in hun lunchpauze een half uur.

Het netwerk hoopte met ‘hen’ mensen die zich niet man of vrouw voelen ook zichtbaar te maken in onze taal. Waarom zou je over je arts of hypotheekadviseur moeten weten of het een hij, zij of anders is, voordat je hen ontmoet? Het is eigenlijk alleen relevant of zij hun werk goed doen. Lovenswaardig, maar het woord ‘hen’ schepte vooral verwarring. De zinnen hieronder kunnen daardoor op twee manieren geïnterpreteerd worden:

Robin is hun sleutels kwijtgeraakt.

Jess vroeg of je hen kon ophalen.

Is Robin nu sleutels van zichzelf of van iemand anders kwijtgeraakt? En wil Jess dat je een taxi regelt voor Robin zelf of voor andere mensen? Hen is daarom na twee jaar nog niet echt gangbaar geworden. Ook zhij en zhaar werden ooit (onsuccesvol) geprobeerd. Toch bijzonder, want veel andere talen hebben wel een genderneutraal voornaamwoord. Zo heb ik me laten vertellen dat het Mandarijn het woord kent, dat zowel hij, zij als het betekent. In het Engels is het genderneutrale they al langer gemeengoed.

 

Vacatureteksten (m/v)

Eén van de plekken waar gendergevoelige woorden vaak onderwerp van discussie zijn, zijn vacatureteksten. Veel functiebeschrijvingen waren vroeger niet genderneutraal, omdat ze in het verleden vooral door één geslacht werden uitgevoerd. Denk aan verpleegsters of zusters en vroedvrouwen.

In vacatures is het al lang verboden om expliciet naar een man of een vrouw te vragen. Toch zijn veel vacatures (vaak onbedoeld) gendergevoelig. Op een vacature voor secretaresse reageren voornamelijk vrouwen, terwijl die op timmerman minder vaak reageren. Hoe voorkom je dit? Je kunt (m/v) toevoegen. Dat is natuurlijk een makkelijke oplossing maar sluit non-binaire mensen uit én lezers hebben nog steeds de associatie met de mannelijke of vrouwelijke functietitel. Je kunt daarom beter op zoek gaan naar een alternatief, bijvoorbeeld:

Secretaresse > administratief medewerker

Werkster > huishoudelijke hulp

Stewards en stewardessen > cabinepersoneel

Kassière > kassamedewerker

Leraar of lerares > leerkracht

 

Jezelf ‘verwoord’ zien

En ‘gewoon’ de mannelijke versie hanteren? Niet meer directeur/ directrice, maar alleen directeur? Geen onderscheid meer maken, maar alle toneelspelers acteurs noemen? Dit artikel van de Volkskrant legt uit hoe de krant hiermee omging. Waar ze in de jaren 70 nadrukkelijk vrouwen benoemde (‘Van onze verslaggeefster’), werd dat in 2016 afgeschaft: wat zou het er toe doen of het artikel geschreven is door een man of vrouw? Alle vrouwelijke beroepsaanduidingen werden vervangen door de ‘neutrale’ variant: piloot, violist, directeur, politicus. Lezers moesten maar begrijpen dat een piloot zowel mannelijk als vrouwelijk kan zijn. Maar werkt dat ook zo?

Kijk eens naar dit raadseltje:

Een man en zijn zoon krijgen een ernstig auto-ongeluk. De vader overlijdt ter plekke. De zoon wordt naar het ziekenhuis gebracht, rechtstreeks de operatiekamer in. De chirurg kijkt naar de jongen en zegt: “Ik kan deze jongen niet opereren, hij is mijn zoon!” – Hoe kan dit?

Nu ben je door de voorafgaande alinea’s wellicht al een beetje op het spoor gezet, maar toch kost het veel mensen nog steeds moeite om te beseffen dat de chirurg een vrouw is. Dat illustreert het probleem met alleen de ‘mannelijke’ variant benoemen. Je kunt wel dénken dat lezers snappen dat een piloot een man, een vrouw of een non-binair persoon kan zijn, maar zo werkt het niet in ons hoofd. Het blijkt dat we bij die woorden toch vaker aan mannen denken.

Uit Belgisch onderzoek blijkt dat vrouwen meer reageren op een vacature die bijvoorbeeld om een loodgieter/ loodgietster vraagt, dan een advertentie met alleen loodgieter. Dat effect was veel groter dan wanneer men loodgieter (m/v) opschreef. Vrouwen voelen zich niet door die tweede variant aangesproken of schatten zelfs hun eigen kunnen – en dat van andere vrouwen – lager in. In een onderzoek waarin werd gevraagd: ‘Op welke politicus zou u stemmen’, werden minder vrouwen gekozen dan in een onderzoek waarbij de vraag was geformuleerd ‘Op welke politicus of politica zou u stemmen?’ Het is door onze patriarchische geschiedenis heel moeilijk om dan niet in mannen te blijven denken. Woorden doen er dus écht toe.

 

En wij?

Wij gaan ook wel eens de fout in. We geven het toe: we gebruiken ook wel eens hij als neutrale optie. Of sluiten met hij/zij ondanks goede bedoelingen, mensen uit. Kijk maar eens naar deze voorbeelden uit onze eerdere blogs:

Je gebruikt dezelfde taal als de lezer, waardoor hij zich prettig voelt.

Hadden we makkelijk van kunnen maken:

Je gebruikt dezelfde taal als je lezers, waardoor zij zich prettig voelen
of Je gebruikt dezelfde taal als de lezer, waardoor deze zich prettig voelt.

Of deze

Denk als een journalist. Wat vindt hij of zij interessant en op welke manier wil de journalist daarover lezen?

Beter was geweest:

Wat vinden journalisten interessant en hoe willen ze daarover lezen?

Juist dit soort details zorgen ervoor dat iedereen zich in je teksten kan herkennen. Er bewust mee omgaan en je best doen om het te vermijden, dat is al een grote stap in de goede richting. Op naar teksten die iedereen wil lezen.

 

Meer schrijftips?

Wil je meer tips over hoe je een goede, heldere en begrijpelijke (zakelijke) tekst schrijft? Download dan ons e-book ‘Leer helder zakelijk schrijven met deze 20 praktische tips’.
[/vc_column_text][/vc_column][/vc_row]

e-book leer helder zakelijk schrijven

Leave a Reply

× App ons!