Schrijven op B1-niveau: 7 tips

Schrijven op B1-niveau: 7 tips

Leestijd 6 minuten
Geschreven door Kris

Leestijd 6 minuten
Geschreven door Kris

We zeiden het vorige week al: schrijven op B1-niveau zorgt ervoor dat bijna iedereen je tekst kan begrijpen. En dus dat je boodschap goed overkomt. Toch denken veel mensen dat eenvoudig taalgebruik onprofessioneel overkomt of dat hun ingewikkelde inhoud niet gemakkelijk op te schrijven is. Wij laten je zien dat het wel kan! 

Kleine recap: Er zijn 6 taalniveaus: niveau A1 is het laagste en niveau C2 is het hoogste. Taalniveau B1 bestaat uit gemakkelijke woorden, die veel voorkomen in de Nederlandse taal. En uit korte, eenvoudige en actieve zinnen. Bedrijven en overheden zijn vaak gewend om hun teksten te schrijven op taalniveau C1. Voor veel mensen zijn die teksten moeilijk te begrijpen. Tijd voor verandering dus!

Waarom B1-niveau?

Omdat je wilt dat je lezers je tekst en dus je boodschap snappen! Als je een  (zakelijke) tekst schrijft, dan heb je een doel. Je wilt informatie overbrengen, iemand overtuigen iets te doen of misschien wel zorgen wegnemen. Met eenvoudig taalgebruik bereik je simpelweg het gemakkelijkst en snelst je doel.

Toch komt het in de praktijk nog heel vaak voor dat we teksten te moeilijk maken (C1-niveau). Ook als ze voor een breed publiek te begrijpen moeten zijn. Denk maar aan bijsluiters van medicijnen, het huurcontract van je woning, politieke besluiten, brieven vanuit de overheid, instructies voor je nieuwe tv: begrijp jij altijd wat er staat? Veel van deze teksten bevatten vaktaal, moeilijke woorden, abstracte begrippen, onduidelijke beeldspraak of gewoon te lange zinnen.

Ook ingewikkelde inhoud kun je gemakkelijk opschrijven 

We horen het je denken: wat als jij een ingewikkeld of vaktechnisch verhaal hebt dat je aan zoveel mogelijk mensen over moet brengen dat écht niet in eenvoudige taal vertelt kan worden. Moet je dan toch maar een onbegrijpelijke tekst schrijven? Daarmee leg je het probleem neer bij de lezer. En een begrijpelijke tekst is toch echt de verantwoordelijkheid van de schrijver. Wij zijn van mening dat je (bijna) ieder onderwerp eenvoudig uit kunt leggen.

Met deze zeven tips leren we je een tekst schrijven op B1-niveau. Ook als het om een ingewikkeld onderwerp gaat.

Zo schrijf je op B1-niveau

1. Noem je doel zo snel mogelijk 

Dat zorgt ervoor dat je lezers precies weten wat jij wilt bereiken met je tekst. Wat moet je lezer doen als hij je tekst heeft gelezen? Begin daarmee!

2. Gebruik een duidelijke titel en tussenkoppen

Zo weten je lezers in één oogopslag waar jouw tekst over gaat. Handige tip voor je tussenkoppen: bedenk welke vragen jouw lezers kunnen hebben bij jouw verhaal. Gebruik die vragen als tussenkopjes. De vraag beantwoord je dan in de tekst eronder.

3. Gebruik korte zinnen

Lange zinnen kunnen verwarrend zijn. Gebruik dus korte zinnen. Hoe doe je dat? Zet gewoon af en toe een punt. Te veel komma’s maken je tekst onduidelijk. Houd daarbij rekening dat je maar één boodschap per zin behandelt. De maximale lengte van een begrijpelijke zin is 10 tot 14 woorden. Wil je weten welke woorden je altijd uit een zin kunt schrappen? Lees dan deze blog.

4. Gebruik veelgebruikte woorden, dus geen vaktaal

Een eenvoudige tekst bestaat uit woorden die bijna iedereen snapt. Woorden die veel voorkomen in onze taal, dus. Vaak willen mensen moeilijkere woorden gebruiken als ze schrijven. Nergens voor nodig! Een handige check: bedenk of je die ene zin ook zo zou formuleren als je een praatje maakt met je buurvrouw. Spreektaal is namelijk vaak eenvoudiger dan schrijftaal. Twijfel je nog steeds of een woord eenvoudig is? Check het hier.

Ook als je schrijft voor vakgenoten kan vaktaal nog steeds voor verwarring zorgen. Bedenk je altijd of het woord dat je gebruikt voor iedereen precies hetzelfde betekent.

5. Houd het kort

Schrijf niet alles op wat je weet, hoe verleidelijk dat ook is. Bedenk altijd: welke informatie heeft mijn lezer echt nodig? De rest maakt je tekst alleen maar warriger.

6. Gebruik concrete woorden

Vermijd abstracte en vage woorden, ben concreet. Verwijs naar concrete personen en dingen. Zeg dus niet: ‘Wat is de aard van zijn besluit?’. Maar: ‘Wat heeft hij besloten’? Niet: ‘Welke vaardigheden heeft hij op het gebied van onderwijs?’. Maar: ‘In welke vakken op school is hij goed’? Ben ook voorzichtig met beeldspraak en metaforen: als je niet 100% zeker bent dat je lezer deze juist interpreteert, gebruik ze dan niet. Dan sla je de plank tenminste zeker niet mis ?.

7. Gebruik consistente woorden

In creatieve teksten is het vaak niet mooi als je veel dezelfde woorden gebruikt. Dan ga je op zoek naar synoniemen om je tekst lekker te laten lopen. Wil je een duidelijke, eenvoudige B1-tekst schrijven? Dan moet je juist niet te veel synoniemen gebruiken. Gebruik telkens hetzelfde woord voor hetzelfde ding. Dus niet lening, hypotheek en schuld door elkaar, maar kies voor één term.

Meer schrijftips?

Wil je meer tips over hoe je een goede, heldere en begrijpelijke (zakelijke) tekst schrijft? Bijvoorbeeld over hoe je ambtelijke taal kunt vermijden of welke taalfouten je nooit meer maken?

Download dan ons e-book ‘Leer helder zakelijk schrijven met deze 20 praktische tips’.

Nieuwsbrief (Blogs)

× App ons!